KDVP stuurt CBP een omvattend “aangepast formeel handhavingsverzoek”

Gepubliceerd: 14 november 2014

“Drie keer is scheepsrecht” gaat niet op voor onze verzoeken aan het CBP om als toezichthouder op te treden.

Vanuit de KDVP is het CBP nu driemaal schriftelijk gewezen op misleidende, niet effectieve digitale declaratieprocedures die geen uitwerking vormen van de opt-outregeling.

Het CBP is daarbij verzocht om als toezichthouder handhavend op te treden teneinde ervoor te zorgen dat uitvoering wordt gegeven aan uitspraken van het CBb en de rechtbank Amsterdam zodat alsnog een effectieve digitale declaratiemogelijkheid wordt gerealiseerd, waarmee kan worden voorkomen dat diagnostische informatie wordt uitgewisseld met zorgverzekeraars wanneer gebruik is gemaakt van de NZa privacyverklaring.

Op geen van de drie verzoeken, waarbij de laatste - dd 20-8-2014- een formeel handhavingsverzoek was, heeft het CBP een reactie gegeven waaruit op te maken valt dat zij zich als privacytoezichthouder ook maar enigszins verantwoordelijk en aangesproken voelt.

Daarom heeft de KDVP besloten om in reactie op de ontwijkende antwoorden van het CBP op 11-11-2014 een “aangepast formeel handhavingsverzoek” in te dienen, waarin wij het CBP verzoeken om handhavend op te treden tegen alle partijen die alleen, dan wel gezamenlijk of naast elkaar door het CBP als toezichthouder aangesproken kunnen worden op de niet effectieve digitale declaratieprocedures bij afgifte van een privacyverklaring.

Hier kunt u het aangepaste formele handhavingsverzoek aan het CBP vinden.